© Made by Wino 2018  (all rights reserved)

Loonse en Drunense Duinen

Dinsdag 16 Augustus 2016

De eerste wandeling van Leo en mij naar dit Nationale Park dat zo dicht bij de Efteling (Noord Brabant) ligt. Weersvoorspelling was prima, en klopte deze keer. Dus de hele dag zon, en een temperatuur van 23 a 24 graden Celsius. Start en eindpunt lag bij restaurant Roestelberg, juist buiten de bebouwde kom van Kaatsheuvel. Het werd een geweldige wandeldag. Om kwart voor 7 uur liep de wekker af. Opstaan, koffier zetten en boterhammen smeren. En natuurlijk de extra’s voor in de rugzag zoals, appel, mandarijntje, Dextro snoep, enz.. En natuurlijk genoeg water. Leo was op tijd, we hadden om 8 uur afgesproken, en dus konden (zoals gewoonlijk) op tijd vertrekken. De tank van de auto was gevuld, en in de rugzak zaten de kopieën van 4 wandelroutes in het NP (Nationaal Park). Het was niet druk op de weg, en om 9 uur parkeerden we de auto bij de Roestelberg. Achter het restaurant was al een hoge zandheuvel zichtbaar, maar die zouden we pas laat in de middag afdalen. Ik had geen landkaart van het park in mijn bezit. Daarom werd de mountainbike route, welke in een grote ellips om het park heen loopt, als oriëntatie genomen. Vijf minuten later zaten we als in de hoge zandduinen in het noorden van het park. D.m.v. kleine verbodsborden werd aangegeven dat we op de mountainbike route liepen, en dat was niet toegestaan voor paarden en ook niet voor wandelaars.  Uehh?? We liepen daarom min of meer evenwijdig aan de mountainbike route, en ploeterden heerlijk door de duinen. We wilden eerst naar Giersbergen lopen om daar aan de Zwarte Berg wandelroute  te beginnen. We moesten daarom het stuifzand gebied verlaten, om via het noorden van het park door de bossen in Gierbergen uit te komen. Dat lukte niet helemaal. We hadden geen zin om het geasfalteerde fietspad te volgen, en namen daarom de onverharde paden welke ons naar het oosten moesten voeren. Een mountainbiker die we onderweg tegenkwamen (hij was aan het rusten) vertelde dat hij haast elke week wel een keer op de Loonse en Drunsense Duinen te vinden was. Restaurant De Drie Linden kende hij wel, maar van Giersbergen had hij nog nooit gehoord. We kwamen te ver naar het noorden uit de bossen, waardoor we een flink eindje naar het zuid-westen moesten lopen om in Giersbergen te komen. Daar was onze eerste stop, en na wat eten en drinken begonnen we met zandlopen. Want direct na het gehucht Giersbergen (een paar huize en restaurant “De Drie Linden”) zaten we al in de zandheuvels. Dat was meteen genieten. We deden wel de Zwarte Berg wandeling, maar we volgden de uitgezette wandeling op onze manier. Want we wilden met rust kunnen wandelen, en niet andere wandelaars voor de voeten lopen. Direct naast het pas naar het zuiden klommen we recht een flinke zandwal op, begroeid met bomen. Maar eenmaal boven ontplooise zich een fantastisch landschap. Omdat we nog dicht bij het restaurant zaten, waren hier wat mensen aan het recreëren. Je kunt uren struinen in dit natuurgebied, en dat was ook wat Leo en ik deden.  We doken door het zand weer omlaag en keerden terug naar het fiets/wandelpad dat we overstaken. In de routebeschrijving stond dat je hier een laatste blik kon werpen op het stuifzand. Maar voor ons was het het begin van onze wandeling door deze Europese Sahara. Een prachtig stuk stuifzand lag voor ons, maar het was wel een gebied waar honden mochten loslopen. Puur natuur dus. Hier maakten we een aantal foto’s bestemd voor het thuisfront. De foto’s werden via Whatsapp verstuurd. Ook was er een paar bij voor Facebook, bestemd voor die paar volgers die ik heb !! We kwamen in gesprek met een wandelaar. Hij bleek de eigenaar te zijn van een loslopende hond. Twee en tachtig jaar, vertelde hij trots, woon ik al hier. En zijn geboorte stek was “De Drie Linden”, het restaurant dat vroeger een boerderijtje was. De wandelaar bleek daar haast elke dag te wandelen, hij woonde nog steeds in Gierbergen.  Maar bovenal bleek hij ook een uitstekende gids te zijn. Hij wist ons heel wat te vertellen over het gebied, vanwege zijn biologische achtergrond. Het Pijpestrootje, de grassoort met wel 1 meter lange wortels zullen we wel nooit meer vergeten. Maar de bioloog vertelde nog veel meer over het gebied, en hoe het er vroeger uitzag. Hij wees op de top van een heuvel naar een struik. Dat was de top van een boom waar hij in het verleden in was geklommen. Het tweede deel van onze wandeling was voorbij toen we, na een mooi stukje bos, bij de “Rustende Jager” aankwamen. Hier had de opa en oma van onze gids gewoond. Dat was toen, net als de Drie Linden, een boerderij. Het biertje daar smaakte heerlijk bij het oppeuzelen van de meegebrachte boterhammen. Het volgende stukje was de Capucijnenberg route. Deze route hadden we al een stukje gelopen toen we van Giersbergen afkwamen en naar het zuiden liepen. Daarom bogen we meteen af naar het Noordwesten, en verlieten de officiële route.  Tijdens het eerste deel van dit stuk kwamen we twee wandelaars tegen op een stukje dat De Brand heette. Weer konden we niet genoeg krijgen van de wonderbaarlijke natuur van deze stuifduinen. Wel bleven we in de buurt van de bosrand lopen. Richting westen. En zo nu en dan namen we een klein stukje bos als het te heet onder de zon werd. Niet lang nadat we de twee wandelaars waren tegengekomen zagen op een heuveltje een man zitten. Naar die heuvel wou ik heen, dat werd dus een klein beetje berg beklimmen. De man bleek niet alleen te zijn, zijn vrouw en twee kinderen waren er ook. Een van de kinderen had een kikker in zijn handen, en weigerde om het diertje los te laten. Het is mij een raadsel hoe dat beestje daar terecht kwam. Ik kon nergens iets van water ontdekken. De zand in de omgeving was wel donkerder dan op andere plaatsen. We kwamen langs een foto-paal van Natuurmonumenten. Het was de bedoeling vanaf die plek een foto van de duinen te maken, en die foto op te sturen naar Natuurmonumenten. Uiteraard heb ik daaraan meegewerkt. Volgende keer als ik weer lang zo’n foto-paal kom maak ik weer een foto. Voor mijn gevoel worden de duinen steeds groener, en komt er meer begroeiing. Die toename van groen viel me ook op tijdens een van mijn wandelingen op de Kalmthoutse Heide. Maar ja, wat doe je daar tegen. Natuur is natuur. We vervolgden onze wandeling langs de zuidrand van het park., en kwamen tenslotte uit bij restaurant Bos en Duin, een plek welke ik meerdere keren als startpunt van een wandeling had genomen. Onze laatste rustplek van de dagwandeling. Bij het afrekenen van onze consumpties (een Cappuccino voor Leo, en een bruin biertje voor mij) bleek dat de ober ons teveel berekende. Alert als ik was moest de ober gecorrigeerd worden. Blijkbaar hadden de mensen die voor ons aan dezelfde tafel hadden gezeten, hun koffie niet afgerekend. Rond kwart over twee begonnen we aan het laatste stuk van onze wandeling, terug naar het Noorden, naar de Roestelberg. Ook deze keer volgden we niet een deel van de Bos en Duin wandeling van Natuurmonumenten, maar zochten onze weg meer noordwaarts. Tot mijn verbazing kwamen we een waterpoel tegens, niet ver van ons vertrekpunt. Die waterpoel was, buiten alle activiteiten rondom de restaurant, annex startplaats van de diverse rondwandelingen, een van de weinige plekken waar we andere mensen tegenkwamen. Behalve deze plek aan het water, hadden we de Loonse en Drunense Duinen haast voor ons alleen. De hele dag konden we zo genieten van de stilte om ons heen. Nog verder naar het noorden kwamen we, jawel, een tweede waterpoel tegen. Een meisje stond midden in de poel, samen met haar paard een drie-jarige Haflinger, die naar de naam Indes luisterde. De jongedame maakte ons duidelijk dan de Roestelberg verder naar het Noorden lag. Later bleek dat niet helemaal te kloppen. In plaats van bij onze auto, kwamen we ongeveer 2 km ten oosten van de Roestelberg uit. In dit deel van het park kwamen we veel bloeiende heide tegen. Uiteraard goed voor een aantal foto’s. Leo bleef regelmatig achter, je kon merken dat hij een paar dagen geleden nog de 100 Km Dodenmars van Bornem (België)  had gelopen. Tegen 4 uur kwamen we weer bij de Roestelberg aan. Nog even uitblazen en terug naar huis. Een ding is zeker. We komen nog een keertje terug naar de Sahara van West Europa.
Nationaal Park Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen is een natuurgebied in de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Het is ruim 3500 hectare groot en is sinds 2002 een nationaal park. Het park is enerzijds grotendeels een afwisseling van droge zandverstuivingen en naaldbos, maar ook de uitgestrekte beekdalzone van de Zandleij hoort erbij. Hier ligt met name het natuurgebied De Brand bij Udenhout, met zijn afwisseling van hakhoutbossen, natte weilanden en moerasruigtes. Het gehele park omvat meer dan 35 km². Daarvan is ongeveer 30 km² stuifzand. Het gebied wordt dan ook wel de "Brabantse Sahara" genoemd.[1] Het gebied wordt omringd door grotere en kleinere steden en dorpen. In het noorden vinden we van west naar oost Waalwijk, Drunen, Nieuwkuijk, Vlijmen en 's-Hertogenbosch. Dorpen aan de zuidkant zijn Loon op Zand , Biezenmortel, Helvoirt en Udenhout; op een kilometer of zes ligt Tilburg. Aan de korte westkant ligt Kaatsheuvel met attractiepark De Efteling Stuifzanden Kenmerkend voor dit park zijn de stuifzanden, die op zo'n uitgestrekte schaal nergens anders in Noordwest-Europa voorkomen. Ten zuiden van de droge duinen ligt het vochtige beek- en moeraslandschap De Brand. Rondom het stuifzandgebied liggen uitgebreide bossen zoals Landgoed Plantloon met zijn oude statige lanen en karakteristieke boerderijen. Ook landbouwgebied het Hengstven ligt in het nationaal park en wordt nu zo beheerd dat de natuur meer kansen krijgt. De arme, droge en zanderige duinen staan in schril contrast met de voedselrijke, weelderig begroeide, zompige moerassen en weilanden van de Brand. Door deze grote variatie aan leefgebieden kent Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen een grote diversiteit aan planten en dieren.
Wandelen
Extra Foto’s Extra Foto’s
Historie  gebied en meer .. Historie  gebied en meer ..
© Made by Wino 2018 lAll rights reserved)

Loonse en Drunense

Duinen

Dinsdag 16 Augustus 2016

De eerste wandeling van Leo en mij naar dit Nationale Park dat zo dicht bij de Efteling (Noord Brabant) ligt. Weersvoorspelling was prima, en klopte deze keer. Dus de hele dag zon, en een temperatuur van 23 a 24 graden Celsius. Start en eindpunt lag bij restaurant Roestelberg, juist buiten de bebouwde kom van Kaatsheuvel. Het werd een geweldige wandeldag. Om kwart voor 7 uur liep de wekker af. Opstaan, koffier zetten en boterhammen smeren. En natuurlijk de extra’s voor in de rugzag zoals, appel, mandarijntje, Dextro snoep, enz.. En natuurlijk genoeg water. Leo was op tijd, we hadden om 8 uur afgesproken, en dus konden (zoals gewoonlijk) op tijd vertrekken. De tank van de auto was gevuld, en in de rugzak zaten de kopieën van 4 wandelroutes in het NP (Nationaal Park). Het was niet druk op de weg, en om 9 uur parkeerden we de auto bij de Roestelberg. Achter het restaurant was al een hoge zandheuvel zichtbaar, maar die zouden we pas laat in de middag afdalen. Ik had geen landkaart van het park in mijn bezit. Daarom werd de mountainbike route, welke in een grote ellips om het park heen loopt, als oriëntatie genomen. Vijf minuten later zaten we als in de hoge zandduinen in het noorden van het park. D.m.v. kleine verbodsborden werd aangegeven dat we op de mountainbike route liepen, en dat was niet toegestaan voor paarden en ook niet voor wandelaars.  Uehh?? We liepen daarom min of meer evenwijdig aan de mountainbike route, en ploeterden heerlijk door de duinen. We wilden eerst naar Giersbergen lopen om daar aan de Zwarte Berg wandelroute  te beginnen. We moesten daarom het stuifzand gebied verlaten, om via het noorden van het park door de bossen in Gierbergen uit te komen. Dat lukte niet helemaal. We hadden geen zin om het geasfalteerde fietspad te volgen, en namen daarom de onverharde paden welke ons naar het oosten moesten voeren. Een mountainbiker die we onderweg tegenkwamen (hij was aan het rusten) vertelde dat hij haast elke week wel een keer op de Loonse en Drunsense Duinen te vinden was. Restaurant De Drie Linden kende hij wel, maar van Giersbergen had hij nog nooit gehoord. We kwamen te ver naar het noorden uit de bossen, waardoor we een flink eindje naar het zuid-westen moesten lopen om in Giersbergen te komen. Daar was onze eerste stop, en na wat eten en drinken begonnen we met zandlopen. Want direct na het gehucht Giersbergen (een paar huize en restaurant “De Drie Linden”) zaten we al in de zandheuvels. Dat was meteen genieten. We deden wel de Zwarte Berg wandeling, maar we volgden de uitgezette wandeling op onze manier. Want we wilden met rust kunnen wandelen, en niet andere wandelaars voor de voeten lopen. Direct naast het pas naar het zuiden klommen we recht een flinke zandwal op, begroeid met bomen. Maar eenmaal boven ontplooise zich een fantastisch landschap. Omdat we nog dicht bij het restaurant zaten, waren hier wat mensen aan het recreëren. Je kunt uren struinen in dit natuurgebied, en dat was ook wat Leo en ik deden.  We doken door het zand weer omlaag en keerden terug naar het fiets/wandelpad dat we overstaken. In de routebeschrijving stond dat je hier een laatste blik kon werpen op het stuifzand. Maar voor ons was het het begin van onze wandeling door deze Europese Sahara. Een prachtig stuk stuifzand lag voor ons, maar het was wel een gebied waar honden mochten loslopen. Puur natuur dus. Hier maakten we een aantal foto’s bestemd voor het thuisfront. De foto’s werden via Whatsapp verstuurd. Ook was er een paar bij voor Facebook, bestemd voor die paar volgers die ik heb !! We kwamen in gesprek met een wandelaar. Hij bleek de eigenaar te zijn van een loslopende hond. Twee en tachtig jaar, vertelde hij trots, woon ik al hier. En zijn geboorte stek was “De Drie Linden”, het restaurant dat vroeger een boerderijtje was. De wandelaar bleek daar haast elke dag te wandelen, hij woonde nog steeds in Gierbergen.  Maar bovenal bleek hij ook een uitstekende gids te zijn. Hij wist ons heel wat te vertellen over het gebied, vanwege zijn biologische achtergrond. Het Pijpestrootje, de grassoort met wel 1 meter lange wortels zullen we wel nooit meer vergeten. Maar de bioloog vertelde nog veel meer over het gebied, en hoe het er vroeger uitzag. Hij wees op de top van een heuvel naar een struik. Dat was de top van een boom waar hij in het verleden in was geklommen. Het tweede deel van onze wandeling was voorbij toen we, na een mooi stukje bos, bij de “Rustende Jager” aankwamen. Hier had de opa en oma van onze gids gewoond. Dat was toen, net als de Drie Linden, een boerderij. Het biertje daar smaakte heerlijk bij het oppeuzelen van de meegebrachte boterhammen. Het volgende stukje was de Capucijnenberg route. Deze route hadden we al een stukje gelopen toen we van Giersbergen afkwamen en naar het zuiden liepen. Daarom bogen we meteen af naar het Noordwesten, en verlieten de officiële route.  Tijdens het eerste deel van dit stuk kwamen we twee wandelaars tegen op een stukje dat De Brand heette. Weer konden we niet genoeg krijgen van de wonderbaarlijke natuur van deze stuifduinen. Wel bleven we in de buurt van de bosrand lopen. Richting westen. En zo nu en dan namen we een klein stukje bos als het te heet onder de zon werd. Niet lang nadat we de twee wandelaars waren tegengekomen zagen op een heuveltje een man zitten. Naar die heuvel wou ik heen, dat werd dus een klein beetje berg beklimmen. De man bleek niet alleen te zijn, zijn vrouw en twee kinderen waren er ook. Een van de kinderen had een kikker in zijn handen, en weigerde om het diertje los te laten. Het is mij een raadsel hoe dat beestje daar terecht kwam. Ik kon nergens iets van water ontdekken. De zand in de omgeving was wel donkerder dan op andere plaatsen. We kwamen langs een foto-paal van Natuurmonumenten. Het was de bedoeling vanaf die plek een foto van de duinen te maken, en die foto op te sturen naar Natuurmonumenten. Uiteraard heb ik daaraan meegewerkt. Volgende keer als ik weer lang zo’n foto-paal kom maak ik weer een foto. Voor mijn gevoel worden de duinen steeds groener, en komt er meer begroeiing. Die toename van groen viel me ook op tijdens een van mijn wandelingen op de Kalmthoutse Heide. Maar ja, wat doe je daar tegen. Natuur is natuur. We vervolgden onze wandeling langs de zuidrand van het park., en kwamen tenslotte uit bij restaurant Bos en Duin, een plek welke ik meerdere keren als startpunt van een wandeling had genomen. Onze laatste rustplek van de dagwandeling. Bij het afrekenen van onze consumpties (een Cappuccino voor Leo, en een bruin biertje voor mij) bleek dat de ober ons teveel berekende. Alert als ik was moest de ober gecorrigeerd worden. Blijkbaar hadden de mensen die voor ons aan dezelfde tafel hadden gezeten, hun koffie niet afgerekend. Rond kwart over twee begonnen we aan het laatste stuk van onze wandeling, terug naar het Noorden, naar de Roestelberg. Ook deze keer volgden we niet een deel van de Bos en Duin wandeling van Natuurmonumenten, maar zochten onze weg meer noordwaarts. Tot mijn verbazing kwamen we een waterpoel tegens, niet ver van ons vertrekpunt. Die waterpoel was, buiten alle activiteiten rondom de restaurant, annex startplaats van de diverse rondwandelingen, een van de weinige plekken waar we andere mensen tegenkwamen. Behalve deze plek aan het water, hadden we de Loonse en Drunense Duinen haast voor ons alleen. De hele dag konden we zo genieten van de stilte om ons heen. Nog verder naar het noorden kwamen we, jawel, een tweede waterpoel tegen. Een meisje stond midden in de poel, samen met haar paard een drie- jarige Haflinger, die naar de naam Indes luisterde. De jongedame maakte ons duidelijk dan de Roestelberg verder naar het Noorden lag. Later bleek dat niet helemaal te kloppen. In plaats van bij onze auto, kwamen we ongeveer 2 km ten oosten van de Roestelberg uit. In dit deel van het park kwamen we veel bloeiende heide tegen. Uiteraard goed voor een aantal foto’s. Leo bleef regelmatig achter, je kon merken dat hij een paar dagen geleden nog de 100 Km Dodenmars van Bornem (België)  had gelopen. Tegen 4 uur kwamen we weer bij de Roestelberg aan. Nog even uitblazen en terug naar huis. Een ding is zeker. We komen nog een keertje terug naar de Sahara van West Europa.
Nationaal Park Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen is een natuurgebied in de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Het is ruim 3500 hectare groot en is sinds 2002 een nationaal park. Het park is enerzijds grotendeels een afwisseling van droge zandverstuivingen en naaldbos, maar ook de uitgestrekte beekdalzone van de Zandleij hoort erbij. Hier ligt met name het natuurgebied De Brand bij Udenhout, met zijn afwisseling van hakhoutbossen, natte weilanden en moerasruigtes. Het gehele park omvat meer dan 35 km². Daarvan is ongeveer 30 km² stuifzand. Het gebied wordt dan ook wel de "Brabantse Sahara" genoemd.[1] Het gebied wordt omringd door grotere en kleinere steden en dorpen. In het noorden vinden we van west naar oost Waalwijk, Drunen, Nieuwkuijk, Vlijmen en 's-Hertogenbosch. Dorpen aan de zuidkant zijn Loon op Zand , Biezenmortel, Helvoirt en Udenhout; op een kilometer of zes ligt Tilburg. Aan de korte westkant ligt Kaatsheuvel met attractiepark De Efteling Stuifzanden Kenmerkend voor dit park zijn de stuifzanden, die op zo'n uitgestrekte schaal nergens anders in Noordwest-Europa voorkomen. Ten zuiden van de droge duinen ligt het vochtige beek- en moeraslandschap De Brand. Rondom het stuifzandgebied liggen uitgebreide bossen zoals Landgoed Plantloon met zijn oude statige lanen en karakteristieke boerderijen. Ook landbouwgebied het Hengstven ligt in het nationaal park en wordt nu zo beheerd dat de natuur meer kansen krijgt. De arme, droge en zanderige duinen staan in schril contrast met de voedselrijke, weelderig begroeide, zompige moerassen en weilanden van de Brand. Door deze grote variatie aan leefgebieden kent Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen een grote diversiteit aan planten en dieren.
Wandelen
Spel van de natuur
Stuifzand
Stuifzand
De kikker heuvel
Bastaard kikker ?
Het wordt groen
We lopen goed !!
Niet alleen Duinen
Fotopaal instructie