© Made by Wino 2018  (all rights reserved)

L'Imbut wandeling

Sentier de L'Imbut, 5 juni 2005 Tent afbreken, en daarna de zuidkant van de Gorges de Verdon verkennen werd een zeer avontuurlijke dag. Pas toen we genoten van heerlijk vers ijs in de Auberge des Cavaliers was ons duidelijk wat bedoeld werd met getrainde sporters. Zondagmorgen om 8 uur hadden we de tent al afgebroken, en lagen alle kampeerspullen in de auto. Er was geen brood meer, dus ontbeten hadden we nog niet. Vandaag was de Imbud wandeling aan de beurt, gevolgd door een bezoekje aan Lac de St. Croix. Vanaf de camping namen we de D957 zuidwaarts. Direct na het passeren van de Galetas brug stopte Ruud bij een winkeltje, links van de weg. Hij kwam naar buiten met twee verse stokbroden. Ons ontbijt en middageten. Sentier L'Imbud, voor getrainde wandelaars Een grote groep mannen en vrouwen maakte zich klaar voor de wandeling, en luisterden naar de instrukties van de leider van de groep. Veel wandelaars waren voorzien van stokken, en de leider had klimmateriaal en touwen bij zich. Een van de vrouwen van de groep had haar gezichtsmasker vergeten af te doen. Ze leek wel een levend spook. Toen we klaar waren met ons ontbijt, en aan de wandeling begonnen, was de groep al vertrokken. Het pad, dat achter het restaurant begon, was in het begin niet makkelijk te volgen. Het pad was glad, rotsig en was slecht herkenbaar. Het pad daalde snel, de dalingshoek was groter dan de afdaleng gisteren vanaf Chalet de la Maline". Over elke volgende stap moest je nadenken, en de snelheid van dalen was daardoor laag. Ondanks onze voorzichtigheid strukelde Ruud, juist op het moment dat ik een foto maakte. Het pas was niet meer als pad herkenbaar, maar gelukkig maakten merktekens (wit-rood) op de rotsen ons duidelijk dat wel degelijk op de "Sentier de L'Imbut" zaten. Soms was de afdaling zo moeilijk dat er een staalkabel nodig was om de weg naar beneden veilig af te leggen. Je moest je toch ergens aan kunnen vasthouden. En de hulpjes langs het 'pad' bleven komen, alweer een staalkabel of een ladder. En als je geen door ade mens aangebrachte hulp kreeg, dan was de natuur je behulpzaam, en kon je je vasthouden aan boomstammen of buxus-struiken. Ons werd langzaam duidelijk wat bedoeld was met 'geoefende sporters'. De afdaling was zeker niet gemakkelijk, en al je aandacht had je nodig om niet in problemen te geraken. Regelmatig haalden we de groep in die voor ons vertrokken waren, maar passeren was onmogelijk. En geregeld moesten we wachten voordat wij aan de beurt waren om alweer een hindernis te nemen. Ik kreeg ontzag voor deze wandeling, en begreep ook waarom men deze wandeling de mooiste van de Gorges du Verdon noemde. Om tien uur waren we beneden, en konden we een paadje nemen naar de oever van de Verdon. Deze wandeling voerde je veel dichter langs het water dan het Martel pad. Bij het water zagen we iets verderop de nieuwe Estelle-brug, de enige plaats waar oversteken veilig was. Een tiental jaren geleden was de oude romeinse brug geveld door het wilde water van de Verdon, de nieuwe brug was een paar jaar in gebruik. Ruud bleef achter toen ik richting Estelle-brug ging. Hij zou video- opnames maken als ik op de brug zou staan. Het was maar een klein stukje naar de brug. Ik moest wel wachten tot de drukte op de brug wad verminderde. De schommelende beweging van de stalen constructie maakte duidelijk waarom maar maximaal 15 personen tegelijk de brug op mochten. Een wandelaarster van de groep die voor ons zat had vier pogingen nodig voordat ze het safe genoeg vond om de brug op te gaan. Ruud was in de verte goed zichtbaar toen ik de brug had overwonnen. Vanaf de brug zou het een klim van 2 uur zijn naar Chalet de la Maline. De resten van de oude romeinse Estelle-brug waren nog goed zichtbaar, delen van de brug lagen verspreid in de stromende rivier. De rivier bleef spectaculair Nadat Ruud de brug ook had gevoeld, vervolgden we onze weg, stroomafwaarts langs de zuidoever van de Verdon. Het 'pad', of iets dat daarvoor doorging, ging op en neer, de klimmetjes waren venijnig. Ik had last van mijn linkerknie bij het afdalen. De vreemde belasting van dit gewricht bij elke stap omlaag was iets dat ik nog nooit eerder had gevoeld. Het ontzien van de linkerknie werd een doel, waardoor mijn snelheid behoorlijk afnam. Ook was regelmatig een stop nodig om de verhitte motor wat te laten afkoelen. Eindelijk lukte het ons om de groep (10 wandelaars) te passeren. De rivier bleef ons verbazen, de loop stroomafwaarts werd steeds wilder. Het groene water was erg uitnodigend, maar resten van de oude Estelle-brug waren waarschuwing genoeg. En het pad bleef avontuurlijk, en de afgrond bleef ook even dichtbij. We waren een paar voorzichtige wandelaars, Ruud liep meestal een paar meter voor me, zoeken hoe het pad nu weer liep. Zo nu en dan werden we geholpen door een staalkabel, waardoor het passeren van een hindernis een makkie werd. En een enkele keer was er inderdaad een echt pad te vinden, en konden we ons verbazen over de bomen langs en dwars op de route. Het pad bleef omhoog en omlaag gaan, en verraste ons keer op keer. Een ladder, gemaakt van boomstammetjes, direct gevolgd door een staalkabel-hulpje was een van de volgende hindernissen welke genomen moest worden. En daarna kwam weer de volgende hindernis, of was het zoeken geblazen hoe het pad nu weer verder ging. je moest alert blijven, stap voor stap. En dan stond je weer plotseling voor de volgende barrière, het bleef maar doorgaan. Ploseling zag ik op een rotsblok, opgestapelde keien liggen. Ik had dat eerder gezien in Arches National Park in Utah, waar opgestapelde keien gebruikt werden om het pad te markeren. Maar hier waren ze opgestapeld met een ander doel, gewoon voor de gein. Toen ik een foto maakte van de menselijk rotsformatie, hoorde ik Ruud lachen en zeggen dat ik eens goed om me heen moest kijken. De stapeltjes keien lagen gewoon overal, op elke rots, en in elke rotsspleet. De plek moest nagenoeg windstil zijn, anders zouden er niet zoveel stapeltjes overeind blijven. Ik kon het niet nalaten ook een stapeltje te maken, maar ik moet bekennen dat mijn stapeltje maar 5 stenen hoog werd. Iets verder, stroomafwaarts kwamen we aan het meest impossante deel van de Verdon, "Le Styx". We hadden gedacht dat we dit woeste deel van de rivier al gepasseerd waren. Niet alleen de rivier was magnifiek, ook de volgende hindernis, langs de echt steile oever van de Verdon, zorgden voor adrenaline-shots. Daarbij kwam nog dat we een (alweer) Italiaanse moesten passeren terwijl we bezig waren de hindernis te nemen. Het angstzweet van de, midden dertigjarige dame, was goed merkbaar. Geen wonder, iets later werd het half meter brede rotspad, gereduceerd tot een rotsrichel, en hing ons leven duidelijk af van een gelukkig aanwezige stalen draadje (een kabel). Gadverpielekes.!!! Of de Italiaanse nog aan de kabel hangt kan ik niet vertellen. Geen wonder dat men de L'Imbut wandeling een trip voor geoefende sporters vond. Wat een avontuurlijke happening. Wij moesten ook tot de categorie behoren, daar was geen twijfel mogelijk. Want geen van alle hindernissen had ons echt in de problemen gebracht. Hardstikke foute conclusie, zoals even later zou blijken !!! Na een stevige klim bij de 'Corniche du Maugue' kwamen we aan een splitsing van het pad. We konden rechtdoor, nog een klein stukje verder naar de Plage de L'Imbud, of linksaf naar de Vidal- uitgang. Na even gepauzeerd te hebben besloten we Sortie Vidal te nemen. Maar waar liep dat pad, het enige wat we zagen was dat het pad schijnbaar een paar meter verder eindigde bij een nagenoeg verticale rots. Ruud zei dat we goed zaten, hij wees daarbij op een stukje van deze rots. Daar, zo'n 4 meter boven het pad, zag ik iets wat mijn bloed haast deed stollen. Een staalkabel, die schuin omhoog liep. Dat was het begin van de Sortie-Vidal, een nooduitgang die 100 meter boven de rivieroever begon, en haast 300 meter erg steil omhoog ging. Herhaalde steenval. was de waarschuwing. En zojuist waren we een bord gepasseerd, geplaatst om de dood van een 30 jarige wandelaarster te herdenken. De klim omhoog was steil, erg steil. We vonden de weg omhoog, over en langs scherpe roodgekleurde rotsen. Toen pas konden we de staalkabel grijpen,. Bij de klim verder omhoog had je hulpmiddelen nodig. Als indicatie voor de klimtijd was 45 minuten aangegeven. Ruud bleef voorop gaan, en waarschuwde me eerst goed te voelen of de rots niet los zat, alvorens deze als steun omhoog te gebruiken. Een wijze les, maar wat gebruik je als steun als er geen staalkabel of rots aanwezig is. Dan vertrouw je erop dat de wortels van een stuik of buxus-boom stevig genoeg zijn voor je klauterpartij. Ik had geen haast bij het omhoog klimmen, en regelmatig stopte ik voor een slok water of een droog koekje. Een wandelaar ging ons voorbij op die klim naar boven, een jonge vrouw nog wel. En pas op het einde van de klim lieten we haar man voorbij gaan. Meer klimmers omhoog waren er niet. De vrouw werd door ons gewaarschuwd toen ze een verkeerde keuze omhoog maakte. Wij hadden de verf gevonden waarmee het pad naar boven was gemarkeerd. Bij de eerste rustpauze omhoog maakte Ruud me opmerkzaam op mijn bloedende elleboog. Ik had blijkbaar langs een scherpe rots mijn huid opengehaald. De schram was niet diep, en daarom liet ik de schram maar onbehandeld. Op onze klim steeds verder omhoog kwamen we voortdurend puin tegen, dat naar beneden rolde bij het passeren. Gelukkig gleden we niet uit. Veel foto's werden er niet gemaakt van de Sortie-Vidal, maar als ik weer een rustpauze hield, dan had ik ook de moed om de camera te pakken, en de omgeving digitaal vast te leggen. Dertig meter beneden de Vidal-uitgang hielden we onze laatste stop. Nog een klimmer ging ons voorbij. Hij hoorde bij de vrouw die ons eerder gepasseerd was. Ruud maakte bij deze stop nog een foto van mij, we waren nu iets minder dan een uur aan het klimmen. Op het laatste stukje naar boven was het onze beurt om de 2 wandelaars, die ons gepasseerd waren op Vidal-uitgang, voorbij te gaan. Iets later stonden we bij het informatiebord aan de D71. Hierop was te zien dat afdalen van de Vidal verboden was. Ruud en ik feliciteerden elkaar, we hadden het stuk in 1 uur afgewerkt. De wandeling terug naar de startplaats was een eitje, het uitzicht bij Belvedere des Bouchers was magnifiek. We waren niet anders gewend, alle uitzicht-punten waren de moeite waard. Een bus wurmde zich in een bocht van de D71, met moeite langs een personenauto. Vanaf die bocht was Chalet de la Maline, aan de overkant van het ravijn, goed zichtbaar. Om half twee genoten we in de Auberge des Cavaliers van een heerlijk groot ijs. Dat hadden we wel verdiend. Een Belgische mijnheer had snel door dat wij uit de canyon gekropen waren. Hij vroeg onze mening over de L'Imbut, want hij en zijn vrouw wilden ook naar beneden. Uiteraard kreeg hij ons advies. Ruud en ik werden vereeuwigd met het grote ijs voor ons op tafel. Wat een avontuur was dit geweest. Nu wisten we wat met geoefende sporters werd bedoeld. Het was fout geweest van ons om de Vidal-uitgang te nemen. Niet dat we in moeilijkheden waren gekomen, maar of we verantwoord hadden gehandeld? In elk geval hadden we de klus geklaard, en konden we met de volgende actie beginnen.
Wandelen
Extra Foto’s Extra Foto’s  Het begin van de Imbut wandeling Ruud struikelde, maar wist zijn evenwicht te bewaren Een staalkabel, voor een veilige afdaling of klim Alweer hulp bij het nemen van een hindernis Ondersteuning door de natuur Filevorming op zondagmorgen, kwart voor tien. Zoeken waar de L'Imbut verdergaat. Gadverpielekes !!! Adrnaline shots Soms was het pad onvindbaar, en was het zoeken naar een streek verf op een rots Ondersteuning door de mens Wandelaar, na 1 uur klimmen Een stevig steil hulpje Een stevig steil hulpje Uitzicht bij Belvedere des Bauchers, D71
© Made by Wino 2018 lAll rights reserved)

L'Imbut wandeling

Sentier de L'Imbut, 5 juni 2005 Tent afbreken, en daarna de zuidkant van de Gorges de Verdon verkennen werd een zeer avontuurlijke dag. Pas toen we genoten van heerlijk vers ijs in de Auberge des Cavaliers was ons duidelijk wat bedoeld werd met getrainde sporters. Zondagmorgen om 8 uur hadden we de tent al afgebroken, en lagen alle kampeerspullen in de auto. Er was geen brood meer, dus ontbeten hadden we nog niet. Vandaag was de Imbud wandeling aan de beurt, gevolgd door een bezoekje aan Lac de St. Croix. Vanaf de camping namen we de D957 zuidwaarts. Direct na het passeren van de Galetas brug stopte Ruud bij een winkeltje, links van de weg. Hij kwam naar buiten met twee verse stokbroden. Ons ontbijt en middageten. Sentier L'Imbud, voor getrainde wandelaars Een grote groep mannen en vrouwen maakte zich klaar voor de wandeling, en luisterden naar de instrukties van de leider van de groep. Veel wandelaars waren voorzien van stokken, en de leider had klimmateriaal en touwen bij zich. Een van de vrouwen van de groep had haar gezichtsmasker vergeten af te doen. Ze leek wel een levend spook. Toen we klaar waren met ons ontbijt, en aan de wandeling begonnen, was de groep al vertrokken. Het pad, dat achter het restaurant begon, was in het begin niet makkelijk te volgen. Het pad was glad, rotsig en was slecht herkenbaar. Het pad daalde snel, de dalingshoek was groter dan de afdaleng gisteren vanaf Chalet de la Maline". Over elke volgende stap moest je nadenken, en de snelheid van dalen was daardoor laag. Ondanks onze voorzichtigheid strukelde Ruud, juist op het moment dat ik een foto maakte. Het pas was niet meer als pad herkenbaar, maar gelukkig maakten merktekens (wit- rood) op de rotsen ons duidelijk dat wel degelijk op de "Sentier de L'Imbut" zaten. Soms was de afdaling zo moeilijk dat er een staalkabel nodig was om de weg naar beneden veilig af te leggen. Je moest je toch ergens aan kunnen vasthouden. En de hulpjes langs het 'pad' bleven komen, alweer een staalkabel of een ladder. En als je geen door ade mens aangebrachte hulp kreeg, dan was de natuur je behulpzaam, en kon je je vasthouden aan boomstammen of buxus-struiken. Ons werd langzaam duidelijk wat bedoeld was met 'geoefende sporters'. De afdaling was zeker niet gemakkelijk, en al je aandacht had je nodig om niet in problemen te geraken. Regelmatig haalden we de groep in die voor ons vertrokken waren, maar passeren was onmogelijk. En geregeld moesten we wachten voordat wij aan de beurt waren om alweer een hindernis te nemen. Ik kreeg ontzag voor deze wandeling, en begreep ook waarom men deze wandeling de mooiste van de Gorges du Verdon noemde. Om tien uur waren we beneden, en konden we een paadje nemen naar de oever van de Verdon. Deze wandeling voerde je veel dichter langs het water dan het Martel pad. Bij het water zagen we iets verderop de nieuwe Estelle- brug, de enige plaats waar oversteken veilig was. Een tiental jaren geleden was de oude romeinse brug geveld door het wilde water van de Verdon, de nieuwe brug was een paar jaar in gebruik. Ruud bleef achter toen ik richting Estelle-brug ging. Hij zou video-opnames maken als ik op de brug zou staan. Het was maar een klein stukje naar de brug. Ik moest wel wachten tot de drukte op de brug wad verminderde. De schommelende beweging van de stalen constructie maakte duidelijk waarom maar maximaal 15 personen tegelijk de brug op mochten. Een wandelaarster van de groep die voor ons zat had vier pogingen nodig voordat ze het safe genoeg vond om de brug op te gaan. Ruud was in de verte goed zichtbaar toen ik de brug had overwonnen. Vanaf de brug zou het een klim van 2 uur zijn naar Chalet de la Maline. De resten van de oude romeinse Estelle-brug waren nog goed zichtbaar, delen van de brug lagen verspreid in de stromende rivier. De rivier bleef spectaculair Nadat Ruud de brug ook had gevoeld, vervolgden we onze weg, stroomafwaarts langs de zuidoever van de Verdon. Het 'pad', of iets dat daarvoor doorging, ging op en neer, de klimmetjes waren venijnig. Ik had last van mijn linkerknie bij het afdalen. De vreemde belasting van dit gewricht bij elke stap omlaag was iets dat ik nog nooit eerder had gevoeld. Het ontzien van de linkerknie werd een doel, waardoor mijn snelheid behoorlijk afnam. Ook was regelmatig een stop nodig om de verhitte motor wat te laten afkoelen. Eindelijk lukte het ons om de groep (10 wandelaars) te passeren. De rivier bleef ons verbazen, de loop stroomafwaarts werd steeds wilder. Het groene water was erg uitnodigend, maar resten van de oude Estelle-brug waren waarschuwing genoeg. En het pad bleef avontuurlijk, en de afgrond bleef ook even dichtbij. We waren een paar voorzichtige wandelaars, Ruud liep meestal een paar meter voor me, zoeken hoe het pad nu weer liep. Zo nu en dan werden we geholpen door een staalkabel, waardoor het passeren van een hindernis een makkie werd. En een enkele keer was er inderdaad een echt pad te vinden, en konden we ons verbazen over de bomen langs en dwars op de route. Het pad bleef omhoog en omlaag gaan, en verraste ons keer op keer. Een ladder, gemaakt van boomstammetjes, direct gevolgd door een staalkabel-hulpje was een van de volgende hindernissen welke genomen moest worden. En daarna kwam weer de volgende hindernis, of was het zoeken geblazen hoe het pad nu weer verder ging. je moest alert blijven, stap voor stap. En dan stond je weer plotseling voor de volgende barrière, het bleef maar doorgaan. Ploseling zag ik op een rotsblok, opgestapelde keien liggen. Ik had dat eerder gezien in Arches National Park in Utah, waar opgestapelde keien gebruikt werden om het pad te markeren. Maar hier waren ze opgestapeld met een ander doel, gewoon voor de gein. Toen ik een foto maakte van de menselijk rotsformatie, hoorde ik Ruud lachen en zeggen dat ik eens goed om me heen moest kijken. De stapeltjes keien lagen gewoon overal, op elke rots, en in elke rotsspleet. De plek moest nagenoeg windstil zijn, anders zouden er niet zoveel stapeltjes overeind blijven. Ik kon het niet nalaten ook een stapeltje te maken, maar ik moet bekennen dat mijn stapeltje maar 5 stenen hoog werd. Iets verder, stroomafwaarts kwamen we aan het meest impossante deel van de Verdon, "Le Styx". We hadden gedacht dat we dit woeste deel van de rivier al gepasseerd waren. Niet alleen de rivier was magnifiek, ook de volgende hindernis, langs de echt steile oever van de Verdon, zorgden voor adrenaline-shots. Daarbij kwam nog dat we een (alweer) Italiaanse moesten passeren terwijl we bezig waren de hindernis te nemen. Het angstzweet van de, midden dertigjarige dame, was goed merkbaar. Geen wonder, iets later werd het half meter brede rotspad, gereduceerd tot een rotsrichel, en hing ons leven duidelijk af van een gelukkig aanwezige stalen draadje (een kabel). Gadverpielekes.!!! Of de Italiaanse nog aan de kabel hangt kan ik niet vertellen. Geen wonder dat men de L'Imbut wandeling een trip voor geoefende sporters vond. Wat een avontuurlijke happening. Wij moesten ook tot de categorie behoren, daar was geen twijfel mogelijk. Want geen van alle hindernissen had ons echt in de problemen gebracht. Hardstikke foute conclusie, zoals even later zou blijken !!! Na een stevige klim bij de 'Corniche du Maugue' kwamen we aan een splitsing van het pad. We konden rechtdoor, nog een klein stukje verder naar de Plage de L'Imbud, of linksaf naar de Vidal- uitgang. Na even gepauzeerd te hebben besloten we Sortie Vidal te nemen. Maar waar liep dat pad, het enige wat we zagen was dat het pad schijnbaar een paar meter verder eindigde bij een nagenoeg verticale rots. Ruud zei dat we goed zaten, hij wees daarbij op een stukje van deze rots. Daar, zo'n 4 meter boven het pad, zag ik iets wat mijn bloed haast deed stollen. Een staalkabel, die schuin omhoog liep. Dat was het begin van de Sortie- Vidal, een nooduitgang die 100 meter boven de rivieroever begon, en haast 300 meter erg steil omhoog ging. Herhaalde steenval. was de waarschuwing. En zojuist waren we een bord gepasseerd, geplaatst om de dood van een 30 jarige wandelaarster te herdenken. De klim omhoog was steil, erg steil. We vonden de weg omhoog, over en langs scherpe roodgekleurde rotsen. Toen pas konden we de staalkabel grijpen,. Bij de klim verder omhoog had je hulpmiddelen nodig. Als indicatie voor de klimtijd was 45 minuten aangegeven. Ruud bleef voorop gaan, en waarschuwde me eerst goed te voelen of de rots niet los zat, alvorens deze als steun omhoog te gebruiken. Een wijze les, maar wat gebruik je als steun als er geen staalkabel of rots aanwezig is. Dan vertrouw je erop dat de wortels van een stuik of buxus-boom stevig genoeg zijn voor je klauterpartij. Ik had geen haast bij het omhoog klimmen, en regelmatig stopte ik voor een slok water of een droog koekje. Een wandelaar ging ons voorbij op die klim naar boven, een jonge vrouw nog wel. En pas op het einde van de klim lieten we haar man voorbij gaan. Meer klimmers omhoog waren er niet. De vrouw werd door ons gewaarschuwd toen ze een verkeerde keuze omhoog maakte. Wij hadden de verf gevonden waarmee het pad naar boven was gemarkeerd. Bij de eerste rustpauze omhoog maakte Ruud me opmerkzaam op mijn bloedende elleboog. Ik had blijkbaar langs een scherpe rots mijn huid opengehaald. De schram was niet diep, en daarom liet ik de schram maar onbehandeld. Op onze klim steeds verder omhoog kwamen we voortdurend puin tegen, dat naar beneden rolde bij het passeren. Gelukkig gleden we niet uit. Veel foto's werden er niet gemaakt van de Sortie-Vidal, maar als ik weer een rustpauze hield, dan had ik ook de moed om de camera te pakken, en de omgeving digitaal vast te leggen. Dertig meter beneden de Vidal-uitgang hielden we onze laatste stop. Nog een klimmer ging ons voorbij. Hij hoorde bij de vrouw die ons eerder gepasseerd was. Ruud maakte bij deze stop nog een foto van mij, we waren nu iets minder dan een uur aan het klimmen. Op het laatste stukje naar boven was het onze beurt om de 2 wandelaars, die ons gepasseerd waren op Vidal-uitgang, voorbij te gaan. Iets later stonden we bij het informatiebord aan de D71. Hierop was te zien dat afdalen van de Vidal verboden was. Ruud en ik feliciteerden elkaar, we hadden het stuk in 1 uur afgewerkt. De wandeling terug naar de startplaats was een eitje, het uitzicht bij Belvedere des Bouchers was magnifiek. We waren niet anders gewend, alle uitzicht- punten waren de moeite waard. Een bus wurmde zich in een bocht van de D71, met moeite langs een personenauto. Vanaf die bocht was Chalet de la Maline, aan de overkant van het ravijn, goed zichtbaar. Om half twee genoten we in de Auberge des Cavaliers van een heerlijk groot ijs. Dat hadden we wel verdiend. Een Belgische mijnheer had snel door dat wij uit de canyon gekropen waren. Hij vroeg onze mening over de L'Imbut, want hij en zijn vrouw wilden ook naar beneden. Uiteraard kreeg hij ons advies. Ruud en ik werden vereeuwigd met het grote ijs voor ons op tafel. Wat een avontuur was dit geweest. Nu wisten we wat met geoefende sporters werd bedoeld. Het was fout geweest van ons om de Vidal-uitgang te nemen. Niet dat we in moeilijkheden waren gekomen, maar of we verantwoord hadden gehandeld? In elk geval hadden we de klus geklaard, en konden we met de volgende actie beginnen.
Wandelen
 Het begin van de Imbut wandeling Ruud struikelde, maar wist zijn evenwicht te bewaren Een staalkabel, voor een veilige afdaling of klim Alweer hulp bij het nemen van een hindernis Ondersteuning door de natuur Filevorming op zondagmorgen, kwart voor tien. Zoeken waar de L'Imbut verdergaat. Gadverpielekes !!! Adrnaline shots Soms was het pad onvindbaar, en was het zoeken naar een streek verf op een rots Ondersteuning door de mens Wandelaar, na 1 uur klimmen Een stevig steil hulpje Een stevig steil hulpje Uitzicht bij Belvedere des Bauchers, D71